Er zijn 3 mythes:  

  • “knok operatie: nooit doen, de knok komt altijd terug”
  • “een operatie aan de knok is hartstikke pijnlijk”
  • “minimaal invasieve chirurgie (MIS) bij een hallux valgus is beter” 

De feiten: 

  • meer dan 85% van de hallux valgus operaties is succesvol, ook op langere termijn (> 10 jaar) 
  • mits op juiste manier geopereerd!
  • moderne verdovingstechnieken (zoals zenuwblokkade) hebben de pijn sterk verminderd 
  • de technieken die in de Bergman Clinics worden toegepast hebben hun waarde over vele tientallen jaren bewezen, minimaal invasieve chirurgie (MIS) voor hallux valgus (nog) niet.

Een hallux valgus betekent dat de grote teen (de hallux) niet meer recht staat, maar schuin naar buiten, in de richting van de tweede teen. Bij ernstige vormen staat de nagel van de grote teen naar binnen gedraaid.

Het is niet helemaal duidelijk wat de oorzaak is, maar erfelijkheid, slapte van de gewrichtskapsels, en bepaalde ziektes zoals  reuma spelen een rol. Ook het dragen van nauw schoeisel of hoge hakken lijkt een oorzaak hallux valgus te kunnen zijn.

Naarmate de teen schever staat, ervaren mensen meer pijn. Door de scheefstand ontstaat aan de binnenkant van de voet een bult, de knok of ‘bunion’, die veel pijn kan doen. De scheefstand kan pijn in de hele voorvoet geven en ook ander voetklachten doen ontstaan. 

Behandeling van een hallux valgus start vaak met dragen van wijder schoeisel met een soepele teenruimte, of aanpassen (uitstulpen) van de teenruimte bij de knok. Soms kan een steunzool en/of vilt en gel in de schoen verlichting brengen, omdat daarmee de druk verminderd kan worden.

Om de voet in een ‘normale’ schoen te laten passen is meestal een operatie nodig. De beslissing om te opereren is aan u. Deze beslissing hangt af van de pijn, en van uw dagelijkse bezigheden.


De hallux valgus operatie

De operatieve resultaten zijn duidelijk verbeterd met het inzicht dat er verschillende soorten hallux valgus bestaan en dat er dus meerdere, verschillende operatiemethoden gebruikt moeten worden om een optimaal resultaat te bereiken. In de Bergman Kliniek worden drie methoden voor een correctie van een hallux valgus gebruikt. Welke operatiemethode de orthopeed toepast hangt af van een aantal patiënt-specifieke factoren, zoals de ernst van de hallux valgus, de configuratie van de voet, de Röntgenfoto en het al dan niet aanwezig zijn van artrose van het grote teengewricht. 

Bij de hallux valgus operatie wordt het eerste middenvoetsbeentje dichter tegen het tweede middenvoetsbeentje geplaatst om vervolgens de pezen van de grote teen weer op de juiste plaats terug te brengen. Kort samengevat zal de orthopedisch chirurg eerst een snee maken aan de zijkant van de voet, over de knok , waarna de botten en pezen worden gecorrigeerd. Er bestaan verschillende manieren om de botten en pezen van de voet te corrigeren. Afhankelijk van uw leeftijd, invulling van uw dagelijks leven, maar vooral de ernst van de hallux valgus wordt bepaald welke operatie techniek wordt ingezet.


De chevron osteotomie

Deze voetoperatietechniek wordt toegepast bij een milde hallux valgus. De orthopedisch chirurg maakt een snee aan de zijkant van de voet en verwijdert een stukje van de knok. Vervolgens wordt een chevron-vormige zaagsnede gemaakt in het eerste middenvoetsbeentje en worden de botdelen in de verbeterde stand aan elkaar bevestigd met een schroef die in het bot verzinkt en niet meer verwijderd hoeft te worden.



De scarf osteotomie

Bij een ernstigere vorm van een hallux valgus wordt deze operatietechniek toegepast. De orthopedisch chirurg maakt een lange snee aan de zijkant van uw voet, over de knok. Een deel van de knok wordt weggehaald, zonder het gewricht te beschadigen. Dan wordt een Z-vormige zaagsnede gemaakt in het eerste middenvoetsbeentje. De botdelen van het middenvoetsbeentje worden in de verbeterde stand aan elkaar bevestigd met twee schroeven die in het bot verzinken en niet meer verwijderd hoeven te worden. Ook het gewrichtskapsel van de grote teen wordt gecorrigeerd.



Lapidus-correctie  (TMT1)

Deze techniek wordt alleen in uitzonderlijke gevallen toegepast. Voorbeelden zijn een hallux valgus bij algehele band- en kapselslapte, een hallux valgus met pijnlijke artrose in de middenvoet, sommige gevallen waarbij de hallux valgus na een eerdere operatie is teruggekomen (recidief), en hallux valgus in combinatie met een platvoet reconstructie. Bij deze ingreep wordt het eerste middenvoetsbeentje van stand veranderd in het  gewrichtje met het eerste voetwortelbeentje. Dit wordt vastgezet met twee schroefjes of schroefjes met een plaatje. Ook wordt het kapsel van het grote teengewricht gecorrigeerd. De schroefjes worden diep in het bot ingebracht en hoeven niet meer verwijderd te worden. De nabehandeling is, in tegenstelling tot andere hallux valgus operaties, met een gips.


Akin osteotomie

Aan alle drie de bovenstaande methoden wordt soms een standscorrectie in de grote teen toegevoegd tijdens de operatie, een Akin osteotomie. Hierbij wordt een klein wigje uitgenomen en de positie van de grote teen (verder) verbeterd. De grote teen kan hierdoor in een nog rechtere stand worden gebracht. Het grote teen gewricht blijft beweeglijk en de nabehandeling verandert er ook niet door. 


Hoe is de nabehandeling?

Hou er rekening mee dat u na de operatie een tijd rustig aan moet doen en niet direct weer alles kunt. Hoe uw revalidatietraject precies verloopt hangt ook af van de gebruikte operatietechniek. Als de orthopedisch chirurg een chevron- of scarf osteotomie heeft gedaan, zult u na de ingreep 8 weken met een loophulpmiddel moeten lopen: de platte schoen. De geopereerde voet kunt u met dit loophulpmiddel wel direct na de operatie al belasten.

Het verband blijft gedurende één week om. Hierna krijgt u een afneembare teenspica aangemeten. De teenspica draagt u gedurende 7 weken en haalt u er 3 keer per dag af om de meegekregen oefeningen uit te voeren.
De teenspica mag u zo nodig wassen in een lauwwarm sopje met gewoon afwasmiddel.

Is uw voet gecorrigeerd met de Lapidus operatie, dan krijgt u na de operatie onderbeengips.  Na twee weken wordt dit veranderd in een onderbeensloopgips, waarmee u de voet mag gaan belasten.

Onafhankelijk van de toegepaste operatietechniek zal de anesthesist zorgen voor goede pijnstilling, bijvoorbeeld met een zenuwblokkade bij de enkel of in de knieholte. Ook krijgt u een recept voor krachtige pijnstillers, waarmee de ervaring heeft uitgewezen dat de pijn na de operatie vaak erg meevalt.

Tijdens de operatie gaat uw orthopedisch chirurg uiterst steriel te werk, maar risico op infectie bestaat altijd tijdens de voetoperatie. Andere mogelijke complicaties, die niet vaak voorkomen, zijn: abnormale stijfheid van het grote teengewricht, overcorrectie, ondercorrectie (en later opnieuw ontstaan van de afwijking) en het niet aan elkaar groeien van het gecorrigeerde bot. Soms ontstaat een plekje met gevoelloosheid aan de voet, omdat een huidzenuwtje verkleefd of beschadigd kan raken door de ingreep. 

Meer weten? 

Maak een afspraak voor de polikliniek in Rijswijk bij bewegingszorg.rijswijk@bergmanclinics.nl

of bel het Bergman Contact & Service Center: 088 9000 500